Categorieën
Archief Kennisparels

[74] 9 juli 2020: Tackling serious and organised crime

Inleiding en context

Ook de maand juli begint op dreef te raken, de 9e alweer. En vandaag bij de mail  een ´kritische kennisparel´ van de Engelse Algemene Rekenkamer, de National Audit Office (NAO). Vorig jaar bracht deze waakhond een zeer kritisch rapport uit over de aanpak van de georganiseerde criminaliteit in het Verenigd Koninkrijk: Tackling serious and organised crime. Wat we hier vooral van moeten leren: zo moeten we het in Nederland dus niet doen. Naar mijn mening een prima beschrijving van een groot aantal valkuilen waar de intensivering van de aanpak van ´ondermijning´ in Nederland niet in moet vallen. Kortom: wijze lessen voor de voorgestane aanpak van ondermijning in Nederland.

Uit de beschikbare kennis over de aanpak van georganiseerde criminaliteit in Nederland komt een aantal knelpunten naar voren waardoor vooral de implementatiekracht en uitvoering van de preventieve en repressieve maatregelen onvoldoende is om grootschalige effecten te sorteren bij het reduceren van georganiseerde criminaliteit. Vooral de organisatie van de noodzakelijke samenwerkingsverbanden zijn problematisch. Het blijkt dat er voldoende bestaande preventieve en repressieve instrumenten en interventies voorhanden zijn om criminele activiteiten die plaatsvinden in een legale voorziening te reduceren of te voorkomen: https://www.researchgate.net/publication/338999955_Preventieve_en_bestuurlijke_aanpak_van_georganiseerde_criminaliteit_in_Nederland_Een_multidimensionale_aanpak

De bekendheid met deze kennis en de toepassing daarvan is echter beperkt te noemen. Naar mijn mening kan het gebruik maken van bestaande kennis bij de aanpak van georganiseerde criminaliteit op een veel hoger peil worden gebracht.

Op dit moment is het onduidelijk hoeveel de Nederlandse overheid aan financiële middelen investeert in de aanpak van georganiseerde criminaliteit. Dat geldt zeker voor de verdeling van de besteding aan preventieve activiteiten en repressieve activiteiten.  Ook is slechts ten dele bekend hoeveel actieve deelnemers op verschillende illegale markten actief zijn. We weten eigenlijk niet om hoeveel daders het gaat. De zogenaamde integrale gezamenlijke aanpak (’joined up approach’ of ’whole government approach’) kenmerkt zich door weinig coördinatie, tegenover gestelde belangenstrijd, gebrek aan gezamenlijke strategie, duplicering van initiatieven en onbekendheid met beschikbare kennis rond georganiseerde criminaliteit. Ook is slechts ten dele bekend wat de omvang, ernst, historische ontwikkeling en te verwachten ontwikkelingen zijn op de markt van georganiseerde criminaliteit. De mate waarop de effectiviteit van de aanpak van georganiseerde criminaliteit wordt beoordeeld is complex te noemen. De systematiek om die beoordeling te geven is als zwak te beoordelen. Bovenstaande bevindingen zijn trouwens niet uniek voor Nederland. Daarom sluit ik bijgesloten ´kritische kennisparel´ bij. De VK National Audit Office bracht onlangs een zeer kritisch rapport uit over de aanpak van georganiseerde misdaad in het Verenigd Koninkrijk. Het is opvallend hoeveel van de conclusies uit dat rapport ook geldig zijn voor de huidige situatie in Nederland. Ook van deze rapportage valt veel te leren in de context van het aandragen van verbeteringen voor meer solide (preventieve) strategie van ondermijning in Nederland. Leren van de buren kan dus geen kwaad.    

Bron

National Audit Office (July 2019). Tackling serious and organised crime. London: National Audit Office. https://www.nao.org.uk/wp-content/uploads/2019/03/Tackling-serious-and-organised-crime.pdf

Samenvatting

“The government faces an immense challenge in fighting this complex, evolving threat. While it has made efforts to step up its response, there is more the government could do to make its aspirations a reality.

“To deliver its new strategy, the government needs to better match resources to its priorities, improve its understanding of these crimes and ensure governance and funding fit with its ambitious plans.”

Gareth Davies, head of the NAO

Serious and organised crime is planned, coordinated and committed by people working individually, in groups, or as part of transnational networks. Criminals’ motivation is often financial gain but varies depending on the type of criminality. The most harmful serious and organised crimes include modern slavery and human trafficking, organised immigration crime, child sexual exploitation and abuse, money laundering, fraud and other economic crime, bribery and corruption, cyber-crime, illegal firearms and illegal drugs.

The challenges in tackling serious and organised crime are formidable. There are more than 4,500 identified UK organised crime groups operating in changing and often unpredictable ways. The government estimated that the annual social and economic cost of serious and organised crime was £37 billion in 2015-16. The government published its serious and organised crime strategy in 2013 and revised it in 2018.

In this report, we have examined the government’s strategic response to serious and organised crime, and the extent that the enablers to successful implementation of the 2018 strategy have been put in place. We examined the work of the Home Office (the Department) and the National Crime Agency (NCA), who together oversee and coordinate the government’s response. The report does not look in detail at how other government bodies are set up to contribute.

  • Part One examines the nature of serious and organised crime and the government’s strategic response to tackling it.
  • Part Two looks at the quality of data on the scale of serious and organised crime, how data are produced and used, and the availability of data to decision-makers.
  • Part Three examines the extent of government’s work to tackle serious and organised crime under its four ‘P’ work strands, the effectiveness of funding, governance and accountability structures.
  • Part Four assesses the extent to which the efforts of law enforcement are coordinated.

Serious and organised crime is evolving at a rapid rate, as criminal networks identify new vulnerabilities and adapt their activity in response to law enforcement action and the opportunities offered by new technology. Those tackling serious and organised crime recognise the seriousness of this challenge and have plans in place to build the teams and expertise to deal with it. We have also seen examples of improved collaboration across government and beyond to disrupt criminal groups, safeguard vulnerable people and seize illegal goods.

However, there remain some significant and avoidable shortcomings that may prevent government and its partners from meeting its aim to “rid our society of the harms of serious and organised crime”. The government is therefore not yet able to show that it is delivering value for money in this area. The Department and the NCA do not know whether their efforts are working and are not yet able to target resources against the highest-priority threats. Despite ongoing efforts to improve them, governance and funding arrangements remain complex, inefficient and uncertain. Unless the government addresses these issues there will continue to be a mismatch between its ambitious plans to respond to serious and organised crime and its ability to deliver on them.

Afsluitend

Tja, om bij het Engels te blijven: ´it ain´t even wrong´, een verpletterend harde conclusie. Significante en te voorziene tekortkomingen bij de aanpak van georganiseerde criminaliteit in het VK. De overheid is niet in staat om te leveren voor de investeringen die gedaan zijn om georganiseerde criminaliteit terug te dringen. De National Crime Agency (een soort Multi Interdisciplinair Team, zoals men die in Nederland gaat oprichten in de strijd tegen ´ondermijning´) heeft geen idee of de aanpak effectief is, en is niet in staat om de juiste prioriteiten te stellen tegen de meest ernstige bedreigingen binnen de georganiseerde criminaliteit. Het verstrekken van additionele gelden en subsidies voor de aanpak is complex, niet efficiënt en ondoorzichtig.

En ten slotte de uitsmijter: bij ongewijzigd beleid zal er een kloof blijven bestaan tussen de ambities van de overheid bij de aanpak van georganiseerde criminaliteit (in Nederland, misdaad mag niet lonen / één overheid tegen de georganiseerde criminaliteit) en het vermogen van die overheid om daadwerkelijk die ambities waar te maken. Ik zou zeggen: beleidsmensen, praktijkwerkers, wetenschap en (politieke) beslissers in Nederland leer van deze leerzame beschrijving van de mislukte aanpak van georganiseerde criminaliteit bij de overburen aan de Noordzee. Er is nog genoeg tijd over om het in Nederland anders aan te pakken. Gebruik maken van de beschikbare evidentie over succesvol en mislukt beleid is dan noodzakelijk.