Categorieën
Archief Kennisparels

[259] 30 augustus 2021: Het vermeende effect van de coronacrisis op de prevalentie en aard van huiselijk geweld

Inleiding en context

Goede morgen beste ´kennisparelontvangers´, het is vandaag maandag 30 augustus 2021. Ik wens jullie allemaal een fijne werkweek toe. Voor veel collega´s weer de eerste werkdag na hopelijk een fijne vakantie. Dus eerst nog een fijn vakantielied voordat we naar de ´kennisparel´ van vandaag gaan: https://www.youtube.com/watch?v=2Ah1JM9mf60 Een ´Pistolklassieker´, schitterend. Bijgesloten een ´Kennisparelliteratuurstudie´ naar de effecten van de coronacrisis op de omvang en ernst van huiselijk geweld. Ja, inderdaad, over dat onderwerp heb ik eerder wat ´kennisparels´ verstuurd: https://prohic.nl/2021/06/08/223-8-juni-2021-a-global-analysis-of-the-impact-of-covid-19-stay-at-home-restrictions-on-crime/ en https://prohic.nl/2021/04/26/204-26-april-2021-domestic-violence-during-the-covid-19-pandemic-evidence-from-a-systematic-review-and-meta-analysis/ Vandaag een Nederlandstalige ´kennisparel´ over het onderwerp. Dat leest wat makkelijker voor veel ontvangers.

Een eerder gepubliceerd systematisch overzicht van achttien beschikbare empirische studies laat zien dat er internationaal sprake is van een stijging van huiselijk geweld tijdens de COVID-19 pandemie. De meningen blijven echter verdeeld zoals blijkt uit bijgesloten ´kennisparel´, die geeft toch een wat meer genuanceerd beeld. En ja, als ´kennisactivist´ blijf ik natuurlijk speuren naar mijn ´pareltjes´, en ja hoor vanmiddag (het is nu zondagmiddag 29 augustus terwijl ik dit optik) tref ik zowaar een recente buitenlandse metastudie aan rond het onderwerp: ´Domestic Violence During the COVID-19 Pandemic: A Systematic Review´: https://journals.sagepub.com/doi/full/10.1177/15248380211038690

En daaruit blijkt het volgende: A total of 32 studies were considered eligible. Data from North America, Europe, Asia-Pacific Area, Africa, and worldwide researches were retrieved. COVID-19 has caused an increase in domestic violence cases, especially during the first week of the COVID-19 lockdown in each country. In children, however, although the specialists’ estimations suggested an increase in child maltreatment and abuse cases, the rate of police and social services’ reports has declined during the COVID-19 pandemic. School closures that isolated students at home seemed to have contributed to this decrease. Ik sluit deze studie ook maar bij want ik weet uit de reacties op de eerder verzonden ´kennisparels´ dat het onderwerp bij veel ontvangers speelt, een ´kenniscadeautje´ Maar nu naar de ´kennisparel´ van vandaag.

Bron

Koppen, Vere van, Carmen ter Weijden & Joke Harte (juli 2021). Het vermeende effect van de coronacrisis op de prevalentie en aard van huiselijk geweld. Proces, no. 4, juli, pp. 194-211.

https://tijdschriften.rechtsgebieden.rijks.boomportaal.nl/tijdschrift/proces/2021/4/PROCES_0165-0076_2021_100_004_003

Samenvatting

Natuurrampen en tijden van crisis gaan hand in hand met een toename van huiselijk geweld. Zo is bekend dat na de orkanen Katrina (2005)1 en Harvey (2017),2 de economische crisis (2008), de uitbraak van ebola in West-Afrika (2013), de olieramp in de Golf van Mexico (2010), de tsunami in Sri Lanka (2004) en de aardbeving in Haïti (2010) de mensen die directe impact ondervonden van de ramp dubbel zoveel risico op huiselijk geweld liepen. Factoren die tijdens een crisissituatie bijdragen aan huiselijk geweld zijn onder andere financiële stress, werkloosheid, alcoholgebruik, sociale isolatie en een gebrek aan hulpmiddelen. Hoewel de resultaten niet eensluidend zijn, wordt verondersteld dat ook kindermishandeling toeneemt als gevolg van natuurrampen en crises.

Sinds begin 2020 is er wereldwijd sprake van een crisis, de coronapandemie. Hoewel harde cijfers vooralsnog ontbreken, zijn, gezien voornoemde onderzoeken, zorgen over een toename in huiselijk geweld en kindermishandeling begrijpelijk. Door de ingrijpende maatregelen die sinds maart 2020 in vele landen zijn ingesteld om verspreiding van het coronavirus te beperken, zitten veel gezinnen gedwongen thuis. In de periodes dat de scholen zijn gesloten, wordt van ouders verwacht dat zij hun kinderen thuis onderwijzen terwijl zij vanuit huis moeten werken. Velen van hen hebben daarbij grote zorgen over de toekomst van hun baan of bedrijf. Verschillende instanties waarschuwen voor een toename van huiselijk geweld. Zo dringt onder andere Unicef erop aan dat regeringen over de hele wereld concrete stappen nemen om ervoor te zorgen dat de bescherming van kinderen onderdeel is van alle coronapreventiemaatregelen en waarschuwen de Verenigde Naties voor huiselijk geweld als schaduwpandemie. Het is van belang dat dergelijke zorgen worden geuit en dat de media hierover berichten; het maakt professionals en beleidsmakers alert.

Op het moment van dit schrijven, april 2021, is het nog steeds niet mogelijk om harde, eenduidige uitspraken te doen over de impact die de coronacrisis heeft op de aard en prevalentie van huiselijk geweld en kindermishandeling. Uitkomsten van grootschalig onderzoek hiernaar laten vermoedelijk nog langere tijd op zich wachten. Intussen zijn de zorgen groot en moeten beleidsbeslissingen worden genomen, bijvoorbeeld over kwetsbare groepen. In dit artikel inventariseren wij op basis van nieuwsberichten en verslaglegging van wetenschappelijk onderzoek wat sinds het begin van de crisis aan informatie naar buiten is gebracht over de vermeende invloed van de coronacrisis op huiselijk geweld en kindermishandeling in het bijzonder. Daarbij wordt meegenomen wat de bron en aard is van deze informatie; de berichten variëren immers van opinies en subjectieve indrukken tot resultaten van empirisch onderzoek. Getracht wordt antwoord te geven op de vraag: Wat is op dit moment bekend over de effecten van de coronacrisis op de prevalentie en aard van huiselijk geweld? Om ervoor te zorgen dat de resultaten toepasbaar zijn op de situatie in Nederland ligt de focus op berichten en onderzoek uit westerse landen.

De resultaten met betrekking tot huiselijk geweld verschillen afhankelijk van wie de respondenten zijn. In studies waarin professionals wordt gevraagd om op basis van wat zij in de praktijk meemaken een schatting te geven van de omvang van huiselijk geweld, wordt een toename gerapporteerd. In deze onderzoeken blijft onduidelijk hoe betrouwbaar de schatting is; op basis waarvan precies maken zij de schatting en werden professionals bij het maken van hun schatting beïnvloed door berichten in de media? Onderzoeken waarin (kwetsbare) gezinnen zelf over hun ervaringen met huiselijk geweld worden bevraagd, laten vooralsnog geen toename van huiselijk geweld zien tijdens de pandemie.

In studies waarin een steekproef uit de algemene bevolking is gebruikt, geldt wellicht dat huiselijk geweld en kindermishandeling zo weinig voorkomen dat een toename relatief klein is en daardoor lastig aan te tonen is. Bij dit type onderzoek kan ook de neiging tot sociaal wenselijk antwoorden een rol spelen. Ook is goed mogelijk dat slachtoffers minder geneigd zijn te participeren of alles te vertellen. Een belangrijk voordeel van dit type onderzoek is dat het informatie kan geven over de factoren die bijdragen aan de kans op huiselijk geweld. Deze informatie is van groot belang voor de ontwikkeling van effectieve interventies.

De studies gebaseerd op meldingen laten een duidelijker beeld zien van een toename. In deze studies vindt feitelijk een secundaire analyse van reeds verzamelde data plaats. Voor deze meldingen geldt waarschijnlijk dat ze slechts het zogenoemde topje van de ijsberg representeren. Ook biedt dit onderzoek minder mogelijkheden voor het vinden van verklaringen voor geweld. Maar omdat deze studies veel feitelijk informatie bieden, verdient het aanbeveling te onderzoeken of meer bestaande bronnen op deze manier gebruikt kunnen worden.

Afsluitend

Het blijkt dat de verschillende beschikbare synthesestudies dus verschillende uitkomsten bieden voor wat betreft de invloed van de Corona crisis op de omvang en ernst van huiselijk geweld. Ik herhaal deze eerder gemaakte opmerking nog maar een keer. Wat is er aan de hand?, hoe kunnen we de criminaliteitstrends verklaren?, hoe verhouden we ons tot andere landen,? hoe ziet de te verwachten ontwikkeling in de criminaliteit er uit na de COVID-19 epidemie? We hebben het hier over ‘het grootste natuurlijke experiment’ dat we ooit hebben meegemaakt. Ik vind het een opvallend gemis, vanuit de criminologie en de gedragswetenschap, dat daar in Nederland tot nu toe eigenlijk maar door een beperkt aantal mensen serieus naar gekeken wordt. Wat zit er achter die cijfers? Hoe moeten we die precies duiden? Wat kun je ervan leren voor toekomstig beleid? Het lijkt wel of de noodzakelijke ‘nieuwsgierigheid’ bij criminologen en andere wetenschappers ontbreekt. Dat verwondert mij zeer. Ik zou zeggen kijk nog eens naar deze ´kennisparel´ die ik op 21 januari van dit jaar verstuurde: https://prohic.nl/2021/01/21/154-21-januari-2021-implications-of-the-covid-19-pandemic-for-police-agencies-and-other-organisations-covid-19-special-papers/ Daar kun je naar mijn mening veel van leren, ook voor wat betreft huiselijke geweld of geweld achter de voordeur.